3.3.1 Minimumeisen
Alle instellingen binnen de geneeskundige GGZ moeten aantoonbaar voldoen aan onderstaande minimale eisen om in aanmerking te komen voor een overeenkomst met CZ groep in 2027. Ook gedurende de looptijd van de overeenkomst voldoen zij hieraan. Wij kunnen dit vooraf en achteraf toetsen. De instelling aanvaardt dat CZ groep de overeenkomst en de productieafspraak afspreekt met elke instelling afzonderlijk en dat deze dus niet overdraagbaar zijn.
Landelijk
De instelling beschikt over een geldige AGB-code volgens het Landelijk Kwaliteitsstatuut sectie III.
De instelling beschikt, conform de eisen van het Landelijk Kwaliteitsstatuut GGZ, over een eigen organisatiespecifiek kwaliteitsstatuut GGZ sectie III Instellingen (met bijbehorend professioneel statuut). Dit statuut is opgenomen in het register van Zorginstituut Nederland en is geldig gedurende de hele looptijd van de overeenkomst.
De instelling zorgt in het AGB-register van Vektis voor een actuele weergave van alle relevante informatie.
De instelling beschikt over een geldig inschrijfnummer in het Handelsregister van de Kamer van Koophandel.
De instelling voldoet aan de relevante verplichtingen rondom de registratie van de UBO, waarbij de eventuele UBO niet onder een wettelijke sanctieregeling valt.
De instelling beschikt over een vertegenwoordigingsbevoegde functionaris die met zijn voor- en achternaam is geregistreerd in het Handelsregister van de Kamer van Koophandel en die beschikt over een geldig certificaat bij VECOZO.
De instelling voldoet aan de relevante bepalingen uit de Wet toetreding zorgaanbieders (Wtza).
De instelling beschikt over een (geneesheer-)directeur die eindverantwoordelijk is voor de kwaliteit van de verleende zorg.
De instelling voldoet aantoonbaar aan de voorwaarden uit de Governancecode Zorg 2022.
De instelling levert de verwijsdatum en de locatiegegevens bij de zorgverzekeraar aan via de declaraties.
De instelling gebruikt bij haar declaratieadministratie de meest recente versie van het rapport Externe integratie dat voor de zorgsector van toepassing is.
De instelling stelt haar prestatie-indicatoren ter beschikking aan het Kwaliteitsinstituut van het Zorginstituut Nederland, voor zover dit verplicht is op basis van wet- en regelgeving.
De instelling committeert zich aan de doelen van de GDDZ 3.0. Daarnaast is duurzaamheid verankerd in de strategie van de instelling.
CZ groep
De instelling voldoet aan de eisen vanuit de relevante wet- en regelgeving, zoals de Wet op de geneeskundige behandelingsovereenkomst (WGBO), de Wet op de beroepen in de individuele gezondheidszorg (Wet BIG) en landelijk en regionaal vastgestelde kwaliteitsstandaarden, richtlijnen en protocollen.
De instelling conformeert zich aan de geldende veldafspraken binnen het Zorgprestatiemodel.
De instelling garandeert dat zij een voor haar beroepsgroep gebruikelijke en adequate (beroeps)aansprakelijkheidsverzekering heeft afgesloten, ook voor de (rechts)personen die zij inschakelt en die niet onder de dekking van de genoemde verzekering vallen.
De instelling is bereid informatie aan te leveren voor het vullen en actueel houden van Zorgvinder (de internetapplicatie van CZ groep om zijn verzekerden te begeleiden).
De instelling verleent haar medewerking aan de controles die CZ groep uitvoert. We nemen bij deze controles de voorschriften in acht die de persoonlijke levenssfeer van de verzekerden beschermen. Ook nemen wij de (nadere) regels in acht die worden gesteld in artikel 87 van de Zorgverzekeringswet en hoofdstuk 7 van de Regeling zorgverzekering (zie ook www.cz.nl/ggz).
De instelling zorgt voor continuïteit in de zorgverlening. Daaronder verstaan wij ook een gelijkmatige spreiding van het eventueel overeengekomen jaarvolume (of totaalvolume) over het kalenderjaar.
De instelling declareert alleen zorg die voldoet aan de stand van de wetenschap en praktijk.
De instelling werkt samen met andere zorgaanbieders in de regio om de wachttijden binnen de Treeknormen te krijgen. Bijvoorbeeld door deel te nemen aan de transfertafels of het transfermechanisme in de regio.
De instelling heeft een plan van aanpak voor de inzet van groepsbehandelingen.
De instelling heeft een plan van aanpak om te voldoen aan de IZA-norm voor digitale zorg.
De instelling zorgt dat vóór elke behandeling een (geobjectiveerde) geldige verwijzing in het patiëntendossier zit.
De instelling mag geen prestaties bij CZ groep declareren via een andere overeenkomst of op restitutiebasis.
De instelling geeft CZ groep toestemming om de ingevulde in- en exclusiecriteria te delen met verwijzers, regionale transfermechanismen en het CZ Zorgteam.
Andere zorgaanbieders in de GGZ leveren geen behandelingen op de behandellocaties van de instelling.
De instelling heeft een website met transparante informatie over de behandelingen, de wachttijden, de vergoedingen en de bereikbaarheid.
De instelling voert effectmetingen (zoals ROM) uit bij de cliënten in het kader van de kwaliteit en doelmatigheid van de zorg.
De instelling is bereid om het gesprek aan te gaan over eventuele deelname aan de crisisketen, als dat gevraagd wordt.
De instelling levert betrouwbare en actuele wachtlijstinformatie aan als CZ groep daarom vraagt, bijvoorbeeld in het kader van (proactieve) zorgbemiddeling of aanvullende zorginkoop.
De instelling die gebruik wil maken van aanvullende zorginkoop, is bekend met de voorwaarden uit dit zorginkoopbeleid en conformeert zich hieraan.