3.3.4 Eerstelijns geboortecentrum

CZ groep merkt dat er in steeds meer regio’s nagedacht wordt over het oprichten van een eerstelijns geboortecentrum. Aanbieders van geboortezorg geven aan dat eerstelijns geboortecentra een oplossing kunnen bieden bij capaciteitsproblemen in een regio. Deze centra worden gerund door eerstelijns zorgaanbieders (verloskundigen of kraamzorgaanbieders) en vaak is er ook sprake van een huiselijke sfeer en aanvullende pijnstillingsmethoden. Daardoor wordt er over het algemeen gedacht dat er minder overdrachten naar de tweede lijn plaatsvinden. Daarnaast kan het geboortecentrum cliënten met milde medische indicaties van zorg voorzien en kan de druk op de kraamzorg verlicht worden als er ook een verblijfsmogelijkheid na de bevalling is. Dit is uiteraard in het belang van onze verzekerden. Daarom staat CZ groep open voor de contractering van nieuwe eerstelijns geboortecentra.

We vinden wel dat deze centra aan een aantal voorwaarden moeten voldoen om de kwaliteit van zorg voor onze verzekerden te garanderen. Daarnaast willen we voorafgaand aan de contractering duidelijkheid hebben over de doelmatigheid van de zorgverlening. CZ groep wil graag een businesscase zien om te beoordelen of er geen sprake is van een toename van de geboortezorgkosten. Wij zien een geboortecentrum als een zorgaanbieder die een locatie faciliteert voor bevallingen zonder medische indicatie of met een milde medische indicatie, inclusief partusassistentie en eventueel verblijf. De verloskundige zorg blijft uitgevoerd worden onder de verantwoordelijkheid van de eerstelijns verloskundige.

Minimumeisen

  • Het geboortecentrum wordt geëxploiteerd door een eerstelijns geboortezorgaanbieder die voor het geboortecentrum een aparte juridische entiteit heeft opgericht die contracteerbaar is.

  • Het geboortecentrum heeft een eigen AGB-code.

  • Het geboortecentrum is 24 uur per dag, 365 dagen per jaar telefonisch bereikbaar.

  • Het geboortecentrum is gevestigd in het ziekenhuis met acute verloskunde of in een aangrenzende locatie waarbij er sprake is van een droge verbinding met het ziekenhuis.

  • In het geboortecentrum wordt gedurende het hele jaar natale verloskundige zorg inclusief partusassistentie geleverd, bij voorkeur uitgebreid met een verblijfsoptie inclusief kraamzorg na de bevalling.

  • De verloskundigen die in het geboortecentrum de bevallingen begeleiden, hebben een overeenkomst eerstelijns verloskunde afgesloten met CZ groep en voldoen aan alle voorwaarden.

  • De partusassistentie bij de bevalling wordt verleend door bevoegde en bekwame zorgverleners.

  • Als er in het geboortecentrum verbleven kan worden na de bevalling, dan wordt de kraamzorg geleverd door kraamverzorgenden die hiervoor bevoegd en bekwaam zijn en wordt er gewerkt volgens de richtlijnen en protocollen van deze beroepsgroep.

  • Het ziekenhuis waarin het geboortecentrum gevestigd is, is schriftelijk op de hoogte gebracht van de reden voor het oprichten van het geboortecentrum. Het ziekenhuis kent de businesscase van het geboortecentrum en wil met CZ groep overleggen over de financiële consequenties.

  • De ketenpartners van het VSV zijn betrokken bij de plannen voor het eerstelijns geboortecentrum in de regio.

  • Het geboortecentrum en het ziekenhuis hebben duidelijke afspraken met elkaar vastgelegd over de samenwerking en de doorverwijzingen. Er is altijd een mogelijkheid voor overdracht naar de medische bevalkamers.

  • Als de poliklinische bevalmogelijkheid in het ziekenhuis vervalt door de komst van het eerstelijns geboortecentrum, dan moet voor alle verloskundigenpraktijken in de regio een gelijke en onbelemmerde toegang tot het eerstelijns geboortecentrum zijn gewaarborgd.

  • De zorgaanbieder is lid van het VSV in de regio.

Onderlinge verrekening bij de overdracht van een bevallende vrouw vanuit het eerstelijns geboortecentrum
Wij betalen per bevalling maar één keer de kosten voor het gebruik van een bevalkamer. Dit betekent dat er een onderlinge verrekening plaats moet vinden tussen het ziekenhuis en het eerstelijns geboortecentrum als een verzekerde tijdens de bevalling wordt overgedragen aan het ziekenhuis. Het is de gezamenlijke verantwoordelijkheid van alle partijen om de verplaatsing van een barende vrouw te voorkomen.

Lachgas in een eerstelijns geboortecentrum
CZ groep koopt lachgas in een gecontracteerd eerstelijns geboortecentrum alleen in onder inhoudelijke en financiële voorwaarden. We stellen als inhoudelijke voorwaarde dat er een gezamenlijk (VSV-breed) pijnprotocol is, ondertekend door de verloskundigen en gynaecologen[1]. Daarin is minimaal opgenomen:

  • welke vormen van pijnbestrijding worden toegepast in welke situaties.

  • dat het handboek lachgas wordt toegepast.

  • hoe de kwaliteit wordt geborgd, welke (opleidings)eisen er aan de toediener worden gesteld en welke verloskundigen in de regio bevoegd en bekwaam zijn om lachgas toe te dienen.

  • hoe wordt omgegaan met het nadien (toch nog) doorverwijzen naar de tweede lijn tijdens de bevalling.

  • in welke gevallen er door de verloskundige overlegd moet worden met de gynaecoloog over de voortzetting van die toediening (bijvoorbeeld als de bevalling langer duurt dan x uur of bij bepaalde signalen).

  • hoe alle zwangeren eenduidig worden voorgelicht over de verschillende opties van pijnbestrijding en de voor- en nadelen daarvan, en in hoeverre de voorkeur van de verzekerde leidend is.

  • hoe de effectiviteit van lachgas wordt gemeten.

Lachgas moet kostenneutraal worden ingezet, omdat het doorverwijzingen naar de tweede lijn zou voorkomen. Geboortecentra die met lachgas werken, moeten dit kunnen aantonen. De zorgaanbieder deelt onderstaande gegevens op verzoek met ons. Deze gegevens worden aangeleverd op totaalniveau (voor alle cliënten van de zorgaanbieder) en specifiek voor de verzekerden van CZ groep:

  • totaal aantal bevallingen in het geboortecentrum;

  • totaal aantal bevallingen in het geboortecentrum zonder lachgassedatie, met daarbij:

    • welk deel hiervan verbleef van begin tot eind in het geboortecentrum;

    • welk deel hiervan werd durante partu (DP) verwezen, voorafgaand aan de geboorte van het kind (inclusief de meest voorkomende indicaties voor verwijzing);

    • welk deel hiervan werd post partum (PP) verwezen, nadat het kind was geboren (inclusief de meest voorkomende indicaties voor verwijzing).

  • totaal aantal bevallingen in het geboortecentrum met lachgassedatie, met daarbij:

    • welk deel hiervan verbleef van begin tot eind in het geboortecentrum;

    • welk deel hiervan werd durante partu (DP) verwezen, voorafgaand aan de geboorte van het kind (inclusief de meest voorkomende indicaties voor verwijzing);

    • welk deel hiervan werd post partum (PP) verwezen, nadat het kind was geboren (inclusief de meest voorkomende indicaties voor verwijzing).

  • uitkomsten van de gemeten cliënttevredenheid.

Op basis van deze informatie evalueren we de efficiënte toepassing van lachgas tijdens de bevalling. Vervolgens bepalen we of er nog steeds aan bovenstaande criteria wordt voldaan. Afhankelijk hiervan worden de afspraken mogelijk aangescherpt of afgebouwd.

Voorwaarden en procedure voor nieuwe eerstelijns geboortecentra
Onder nieuwe geboortecentra verstaan we zorgaanbieders waarmee we in 2026 geen overeenkomst geboortecentrum hebben. Om in aanmerking te komen voor zo’n overeenkomst voor 2027, moeten nieuwe zorgaanbieders voldoen aan de minimumeisen in dit document. De overeenkomst kan worden aangevraagd door vóór 1 september een e-mail te sturen naar inkoop.geboortezorg@cz.nl. Bij deze mail moet de volgende informatie aangeleverd worden:

  • Een algemeen plan waarin staat welke partij het geboortecentrum gaat oprichten, waar het geboortecentrum gevestigd wordt, wat het zorgaanbod in het geboortecentrum is, in hoeverre de ketenpartners betrokken zijn en welke doelen worden nagestreefd.

  • De businesscase waarin duidelijk uiteengezet wordt wat de inkomsten en uitgaven van het geboortecentrum zijn, welke doelgroepen en cliëntenstromen er verwacht worden en wat dit betekent voor de poliklinische en medische partussen in het ziekenhuis.

  • Akkoord van het ziekenhuis voor de oprichting van een geboortecentrum en de toezegging van het ziekenhuis dat zij met ons afspraken willen maken over de financiële consequenties.

  • Als er lachgas aangeboden wordt, moet de informatie onder het kopje ‘lachgas in een eerstelijns geboortecentrum’ worden aangeleverd (zie hierboven).

We bekijken uw aanvraag en gaan daarna met u in overleg. Als aan alle voorwaarden voldaan wordt en als de businesscase positief en realistisch is (gelijkblijvende of lagere zorgkosten en verbeterde regionale toegankelijkheid van geboortezorg heeft), dan bieden wij een overeenkomst eerstelijns geboortecentrum aan.

Procedure voor bestaande eerstelijns geboortecentra

Onder bestaande zorgaanbieders verstaat CZ groep de zorgaanbieders die in (een deel van) 2026 een overeenkomst eerstelijns geboortecentrum met CZ groep hebben. Bestaande aanbieders ontvangen uiterlijk eind september via VECOZO het aanbod voor 2027.

  • 1Waar we spreken over gynaecoloog kan het ook de klinisch verloskundige betreffen die onder de verantwoordelijkheid van de gynaecoloog werkt.

Deel deze pagina: